Tag archieven: rug oefeningen

Bent-over dumbbell row: de uitvoering en veelgemaakte fouten

De bent-over dumbbell row is een rugoefening waarbij je voorovergebogen staat en twee dumbbells richting je romp trekt. Je traint beide kanten van je rug tegelijkertijd en moet tijdens de oefening je romp zelf stabiel houden. Hieronder lees je stap voor stap hoe je de bent-over dumbbell row uitvoert, welke spieren je traint en welke veelgemaakte fouten je beter kunt vermijden.

Bent-over dumbbell row uitvoering met twee dumbbells voor het trainen van de rug

Kort uitgelegd: houd in iedere hand een dumbbell, buig licht door je knieën en beweeg je heupen naar achteren zodat je bovenlichaam voorover komt. Houd je rug stabiel en trek beide dumbbells gecontroleerd richting je zij. Laat de gewichten daarna rustig terugzakken.

Wat is een bent-over dumbbell row?

De bent-over dumbbell row is een trekkende oefening voor het bovenlichaam. Je staat voorovergebogen met een dumbbell in iedere hand en trekt beide gewichten tegelijkertijd richting je romp.

In tegenstelling tot de one-arm dumbbell row steun je niet met je vrije hand op een trainingsbank. Daardoor moeten onder andere je core en rugspieren helpen om je voorovergebogen houding stabiel te houden.

Bent-over dumbbell row uitvoeren in 3 stappen

1. Neem de startpositie aan

Bent-over dumbbell row startpositie met twee dumbbells, voeten op heupbreedte, licht gebogen knieën en een stabiele rug

Ga ongeveer op heupbreedte staan met een dumbbell in iedere hand. Buig je knieën licht en beweeg je heupen naar achteren terwijl je bovenlichaam voorover komt.

Houd je rug in een natuurlijke, stabiele positie en span je buikspieren aan. Laat je armen onder je schouders hangen met de dumbbells naast elkaar.

2. Trek de dumbbells richting je romp

Bent-over dumbbell row stap 2 waarbij een vrouw twee dumbbells gecontroleerd richting haar romp trekt met de ellebogen naar achteren

Trek beide dumbbells gecontroleerd omhoog richting de zijkanten van je romp. Beweeg je ellebogen naar achteren en houd de gewichten tijdens de beweging relatief dicht bij je lichaam.

Houd je bovenlichaam zo stil mogelijk. Voorkom dat je tijdens het optrekken steeds verder rechtop gaat staan of de dumbbells met een zwaai omhoog brengt.

3. Laat de dumbbells gecontroleerd zakken

Bent-over dumbbell row stap 3 waarbij je twee dumbbells gecontroleerd laat zakken met vrijwel gestrekte armen en een stabiele rug

Laat beide dumbbells rustig terugzakken totdat je armen weer vrijwel gestrekt onder je schouders hangen. Houd je rug en romp tijdens de volledige neerwaartse beweging stabiel.

Begin vanuit deze positie aan de volgende herhaling zonder je bovenlichaam op en neer te bewegen.

Welke spieren train je met de bent-over dumbbell row?

De bent-over dumbbell row richt zich voornamelijk op de spieren van je rug. Omdat je de oefening voorovergebogen en zonder ondersteuning uitvoert, helpen ook verschillende andere spieren bij het stabiliseren van je lichaam.

  • Brede rugspier: helpt je bovenarmen tijdens de trekbeweging naar achteren te bewegen.
  • Bovenrug: spieren rond de schouderbladen helpen bij het naar achteren bewegen en stabiliseren van je schouderbladen.
  • Biceps: ondersteunen het buigen van je ellebogen wanneer je de dumbbells omhoogtrekt.
  • Achterste schouders: ondersteunen de trekkende beweging van je bovenarmen.
  • Core en onderrug: helpen je voorovergebogen positie stabiel te houden tijdens de oefening.

Hoe zwaar moet je trainen met de bent-over dumbbell row?

Kies twee dumbbells waarmee je de volledige beweging gecontroleerd kunt uitvoeren. Wanneer het gewicht te zwaar is, merk je vaak dat je gaat zwaaien, je rughouding verandert of je tijdens iedere herhaling verder rechtop komt.

Begin daarom liever iets lichter en verhoog het gewicht pas wanneer je alle herhalingen met een stabiele romp kunt uitvoeren. Het gewicht van beide dumbbells hoeft niet hetzelfde te zijn als wat je bij een one-arm dumbbell row gebruikt.

Dumbbells voor de bent-over row

Voor de bent-over dumbbell row heb je twee dumbbells nodig. Wil je verschillende vaste en verstelbare modellen bekijken? Ga dan naar onze pagina dumbbells vergelijken.

Veelgemaakte fouten bij de bent-over dumbbell row

Veelgemaakte fouten bij de bent-over dumbbell row zoals een ronde rug, ellebogen te ver naar buiten en te veel momentum gebruiken

Bij deze oefening moet je niet alleen de dumbbells bewegen, maar ook je voorovergebogen houding vasthouden. Let daarom vooral op de volgende fouten.

Je rug te rond maken

Houd je rug tijdens de bent-over dumbbell row in een natuurlijke, stabiele positie. Voorkom dat je bovenrug steeds verder rond wordt wanneer je vermoeid raakt.

Tijdens iedere herhaling rechtop komen

Houd ongeveer dezelfde voorovergebogen positie vast tijdens je set. Wanneer je bij iedere herhaling je bovenlichaam omhoog beweegt, gebruik je extra momentum om de dumbbells te verplaatsen.

De dumbbells met momentum omhoogtrekken

Trek de gewichten gecontroleerd omhoog en laat ze rustig terugzakken. Vermijd een snelle zwaai vanuit je romp of heupen om de dumbbells in beweging te krijgen.

De ellebogen te ver naar buiten bewegen

Laat je ellebogen niet onnodig ver zijwaarts bewegen. Trek ze gecontroleerd naar achteren en houd de dumbbells relatief dicht bij je lichaam.

Te zwaar beginnen

Een te zwaar gewicht maakt het lastiger om je romp stabiel te houden. Kies een belasting waarmee je zowel de trekbeweging als je houding gedurende de hele set kunt controleren.


Is de bent-over dumbbell row geschikt voor beginners?

De bent-over dumbbell row kan door beginners worden uitgevoerd, maar vraagt meer stabiliteit van je romp dan een ondersteunde row. Begin daarom met lichte dumbbells en besteed eerst aandacht aan de voorovergebogen houding.

Vind je het lastig om je romp tijdens de oefening stabiel te houden, dan kan de one-arm dumbbell row een praktische variant zijn. Daarbij kun je jezelf met je vrije arm ondersteunen.

Bent-over dumbbell row of one-arm dumbbell row?

Beide oefeningen gebruiken een vergelijkbare trekkende beweging en trainen grotendeels dezelfde spiergroepen. Het belangrijkste verschil is dat je bij de bent-over dumbbell row twee dumbbells tegelijk gebruikt en geen ondersteuning hebt.

Bent-over dumbbell row One-arm dumbbell row
Dumbbells Twee tegelijk Eén tegelijk
Uitvoering Beide armen tegelijk Eén zijde per keer
Ondersteuning Geen Vrije hand op ondersteuning
Stabilisatie romp Meer zelfstandig stabiliseren Meer ondersteuning

De one-arm dumbbell row maakt het gemakkelijker om één zijde afzonderlijk te trainen. De bent-over variant is praktisch wanneer je beide kanten tegelijkertijd wilt trainen en je de voorovergebogen houding goed kunt vasthouden.

Hoeveel sets en herhalingen?

Een praktisch uitgangspunt is 3 sets van ongeveer 8 tot 12 herhalingen. Het geschikte aantal hangt af van je trainingsdoel, ervaring en het gewicht waarmee je traint.

Kies een gewicht waarmee je ook tijdens de laatste herhalingen je rug en romp stabiel kunt houden. Kun je alle herhalingen gecontroleerd uitvoeren, dan kun je de belasting geleidelijk verhogen.

Meer dumbbell oefeningen voor thuis

De bent-over dumbbell row is één van de 15 oefeningen uit ons complete overzicht met dumbbell oefeningen voor thuis. Daar vind je ook oefeningen voor je benen, borst, schouders, armen en core.

15 dumbbell oefeningen voor thuis voor borst, rug, schouders, armen, benen en buikspieren

Veelgestelde vragen over de bent-over dumbbell row

Welke spieren train je met de bent-over dumbbell row?

De bent-over dumbbell row richt zich voornamelijk op je rugspieren. Ook je biceps en achterste schouders werken mee, terwijl je core en onderrug helpen om je voorovergebogen positie stabiel te houden.

Hoe voer je een bent-over dumbbell row uit?

Houd twee dumbbells vast, buig licht door je knieën en beweeg je heupen naar achteren zodat je bovenlichaam voorover komt. Houd je rug stabiel, trek beide dumbbells richting je romp en laat ze daarna gecontroleerd zakken.

Wat is het verschil tussen de bent-over dumbbell row en one-arm dumbbell row?

Bij de bent-over dumbbell row gebruik je twee dumbbells tegelijk en houd je je romp zonder ondersteuning stabiel. Bij de one-arm dumbbell row train je één zijde per keer en steun je met je vrije hand.

Is de bent-over dumbbell row geschikt voor beginners?

De oefening kan geschikt zijn voor beginners, maar vraagt relatief veel stabiliteit van de romp. Begin met lichte dumbbells en leer eerst de voorovergebogen positie gecontroleerd vast te houden.

Hoeveel sets en herhalingen doe je met de bent-over dumbbell row?

Een praktisch uitgangspunt is 3 sets van ongeveer 8 tot 12 herhalingen. Pas het gewicht en aantal herhalingen aan je trainingsdoel en niveau aan.

Disclaimer: deze uitleg is bedoeld als algemene informatie over de uitvoering van de bent-over dumbbell row en vervangt geen persoonlijke begeleiding. Train met een gewicht dat past bij je niveau, bouw de belasting geleidelijk op en stop bij pijn of klachten. Dit artikel kan affiliate links bevatten. Wanneer je via zo’n link iets koopt, kan Droogtrain.nl een kleine commissie ontvangen. Dit kost jou niets extra.

One-arm dumbbell row: uitvoering, spieren en veelgemaakte fouten

De one-arm dumbbell row is een rugoefening waarbij je één dumbbell naar je romp trekt. Je traint iedere kant afzonderlijk en ondersteunt jezelf met je vrije hand. Hieronder lees je stap voor stap hoe je de one-arm dumbbell row uitvoert, welke spieren je ermee traint en welke veelgemaakte fouten je beter kunt vermijden.

One-arm dumbbell row uitvoering met één dumbbell voor het trainen van de rug

Kort uitgelegd: steun met één hand op een stevige ondergrond en houd de dumbbell in je andere hand. Houd je rug stabiel, laat de dumbbell onder je schouder hangen en trek het gewicht vervolgens gecontroleerd richting je zij. Laat de dumbbell daarna rustig terugzakken.

Wat is een one-arm dumbbell row?

De one-arm dumbbell row is een trekkende oefening voor je bovenlichaam die je met één arm tegelijk uitvoert. Tijdens de beweging trek je een dumbbell vanuit een lage positie richting je romp.

Doordat je iedere arm afzonderlijk traint, kun je je aandacht volledig op één kant richten. Je vrije hand gebruik je voor ondersteuning, zodat je een stabiele positie kunt aannemen terwijl je de dumbbell beweegt.

One-arm dumbbell row uitvoeren in 3 stappen

1. Neem de startpositie aan

One-arm dumbbell row startpositie met één hand en knie op een trainingsbank en de dumbbell onder de schouder

Ga naast een stevige trainingsbank of andere stabiele ondersteuning staan. Plaats één hand op de ondersteuning en zet je voeten stevig neer. Buig vanuit je heupen voorover en houd je rug in een natuurlijke, stabiele positie.

Houd de dumbbell in je vrije hand en laat je arm onder je schouder hangen. Span je buikspieren aan en voorkom dat je romp naar één kant draait.

2. Trek de dumbbell richting je zij

One-arm dumbbell row stap 2 waarbij je de dumbbell gecontroleerd richting je zij trekt met je elleboog langs het lichaam

Trek de dumbbell gecontroleerd omhoog richting de zijkant van je romp. Beweeg je elleboog naar achteren en houd de dumbbell tijdens de beweging relatief dicht bij je lichaam.

Houd je romp zo stabiel mogelijk. Probeer het gewicht niet omhoog te krijgen door je bovenlichaam mee te draaien of met je schouder te trekken.

3. Laat de dumbbell gecontroleerd zakken

One-arm dumbbell row stap 3 waarbij je de dumbbell gecontroleerd laat zakken tot je arm vrijwel gestrekt is

Laat de dumbbell vanuit de bovenste positie rustig terugzakken totdat je arm weer vrijwel gestrekt onder je schouder hangt. Houd controle over het gewicht gedurende de hele neerwaartse beweging.

Wanneer je het gewenste aantal herhalingen hebt uitgevoerd, wissel je van arm en herhaal je dezelfde beweging aan de andere kant.

Welke spieren train je met de one-arm dumbbell row?

De one-arm dumbbell row richt zich voornamelijk op de spieren van je rug. Daarnaast helpen verschillende spieren in je armen, schouders en romp mee tijdens de beweging.

  • Brede rugspier: speelt een belangrijke rol bij het naar achteren en richting je romp bewegen van je bovenarm.
  • Bovenrug: verschillende spieren rond je schouderbladen helpen bij het gecontroleerd naar achteren bewegen en stabiliseren van je schouderblad.
  • Biceps: ondersteunen het buigen van je elleboog tijdens het omhoogtrekken van de dumbbell.
  • Achterste schouders: helpen mee bij de trekkende beweging van je bovenarm.
  • Core: helpt je romp stabiel te houden en ongewenste rotatie te beperken.

Hoe zwaar moet je trainen met de one-arm dumbbell row?

Kies een dumbbell waarmee je de volledige beweging gecontroleerd kunt uitvoeren. Het gewicht moet zwaar genoeg zijn om je spieren uit te dagen, maar niet zo zwaar dat je je romp moet draaien of het gewicht met momentum omhoog moet trekken.

Begin je net met de oefening, kies dan een relatief lichte dumbbell en besteed eerst aandacht aan je houding en bewegingscontrole. Wanneer je alle herhalingen netjes uitvoert, kun je het gewicht geleidelijk verhogen.

Dumbbells voor rugtraining

Voor de one-arm dumbbell row heb je slechts één dumbbell per set nodig. Wil je vaste en verstelbare dumbbells met elkaar vergelijken? Bekijk dan onze pagina dumbbells vergelijken.

Veelgemaakte fouten bij de one-arm dumbbell row

Een te zwaar gewicht of een instabiele houding kan ervoor zorgen dat de uitvoering verandert. Let daarom vooral op de volgende fouten.

Veelgemaakte fouten bij de one-arm dumbbell row zoals de romp meedraaien, een ronde rug en te veel momentum gebruiken

Je romp meedraaien

Voorkom dat je je bovenlichaam tijdens iedere herhaling open draait om de dumbbell hoger te krijgen. Houd je romp zo stabiel mogelijk en laat de trekkende beweging vooral vanuit je arm en rug komen.

De dumbbell met momentum omhoogtrekken

Een snelle zwaai maakt het moeilijker om de beweging gecontroleerd uit te voeren. Trek de dumbbell rustig omhoog en laat hem ook gecontroleerd terugzakken.

Je rug te rond maken

Houd je rug tijdens de oefening in een stabiele, natuurlijke positie. Wanneer je houding verandert zodra je de dumbbell optrekt, kan het gebruikte gewicht te zwaar zijn.

De dumbbell te ver van je lichaam trekken

Laat de dumbbell niet ver naar buiten bewegen. Trek je elleboog naar achteren en houd het gewicht tijdens de beweging relatief dicht bij je lichaam.

Te zwaar beginnen

Een te zware dumbbell vergroot de kans dat je gaat draaien, zwaaien of je bewegingsuitslag verkort. Kies eerst een gewicht waarmee je iedere herhaling beheerst kunt uitvoeren.


Is de one-arm dumbbell row geschikt voor beginners?

De one-arm dumbbell row kan goed worden gebruikt door beginners. Doordat je jezelf met één hand ondersteunt, kun je je concentreren op de beweging van de andere arm.

Begin met een lichte dumbbell en oefen eerst een stabiele houding. Zodra je de dumbbell kunt optrekken zonder je romp mee te draaien, kun je de belasting stap voor stap verhogen.

One-arm dumbbell row of bent-over dumbbell row?

Tijdens allebei de oefeningen maak je een trekkende beweging met dumbbells, maar de uitvoering verschilt. Bij de one-arm dumbbell row train je één kant tegelijk en gebruik je je vrije arm voor ondersteuning. Bij de bent-over dumbbell row gebruik je twee dumbbells tegelijkertijd en moet je je romp zonder ondersteuning stabiel houden.

One-arm dumbbell row Bent-over dumbbell row
Dumbbells Eén tegelijk Twee tegelijk
Ondersteuning Vrije hand op stabiele ondersteuning Geen ondersteuning
Uitvoering Eén zijde per keer Beide armen tegelijk
Stabilisatie romp Ondersteund Meer zelfstandig stabiliseren

Welke variant je gebruikt, hangt onder andere af van je training en het materiaal dat je beschikbaar hebt. De bent-over dumbbell row behandelen we ook afzonderlijk binnen onze reeks met dumbbell oefeningen.

Hoeveel sets en herhalingen?

Een praktisch uitgangspunt voor de one-arm dumbbell row is 3 sets van ongeveer 8 tot 12 herhalingen per arm. Het juiste aantal hangt af van je trainingsdoel, ervaring en het gebruikte gewicht.

Voer aan beide kanten hetzelfde aantal herhalingen uit. Kun je alle herhalingen met een stabiele romp en gecontroleerde beweging uitvoeren, dan kun je het gewicht geleidelijk verhogen.

Meer dumbbell oefeningen voor thuis

De one-arm dumbbell row is één van de 15 oefeningen uit ons complete overzicht met dumbbell oefeningen voor thuis. Daar vind je ook oefeningen voor je benen, borst, schouders, armen en core.

15 dumbbell oefeningen voor thuis voor borst, rug, schouders, armen, benen en buikspieren

Veelgestelde vragen over de one-arm dumbbell row

Welke spieren train je met de one-arm dumbbell row?

De one-arm dumbbell row richt zich voornamelijk op je rugspieren. Ook je biceps, achterste schouders en core helpen mee tijdens de beweging.

Hoe voer je een one-arm dumbbell row uit?

Steun met één hand op een stabiele ondergrond, houd je rug stabiel en laat de dumbbell onder je schouder hangen. Trek de dumbbell richting je zij en laat hem daarna gecontroleerd terugzakken.

Hoe zwaar moet je trainen met de one-arm dumbbell row?

Kies een gewicht waarmee je de volledige beweging kunt uitvoeren zonder je romp mee te draaien of de dumbbell met momentum omhoog te trekken. Verhoog het gewicht geleidelijk wanneer je techniek stabiel blijft.

Wat is het verschil tussen de one-arm dumbbell row en bent-over dumbbell row?

Bij de one-arm dumbbell row train je één zijde tegelijk en steun je met je vrije hand. Bij de bent-over dumbbell row gebruik je twee dumbbells tegelijk en stabiliseer je je romp zonder ondersteuning.

Hoeveel sets en herhalingen doe je met de one-arm dumbbell row?

Een praktisch uitgangspunt is 3 sets van ongeveer 8 tot 12 herhalingen per arm. Pas het aantal herhalingen en het gewicht aan je trainingsdoel en niveau aan.

Disclaimer: deze uitleg is bedoeld als algemene informatie over de uitvoering van de one-arm dumbbell row en vervangt geen persoonlijke begeleiding. Train met een gewicht dat past bij je niveau, bouw de belasting geleidelijk op en stop bij pijn of klachten. Dit artikel kan affiliate links bevatten. Wanneer je via zo’n link iets koopt, kan Droogtrain.nl een kleine commissie ontvangen. Dit kost jou niets extra.